Kaarten tellen klinkt mysterieus en slim – een manier om het casino te slim af te zijn. Veel mensen kennen het fenomeen uit films zoals 21, waar spelers met wiskundige precisie het spel manipuleren. Maar de vraag is: kun je kaarten tellen bij poker? Het eerlijke antwoord: nee, niet op dezelfde manier als bij blackjack – maar er zijn wél strategieën waarbij informatie over kaarten een rol speelt.
In dit artikel ontdek je hoe kaartinformatie bij poker werkt, waarom traditionele kaarten tellen geen zin heeft, en welke methodes je wél kunnen helpen om slimmer te spelen.
Wat is kaarten tellen precies?
Kaarten tellen is een techniek die vooral bij blackjack wordt gebruikt. Hierbij houd je bij welke kaarten al uit het deck zijn gespeeld, zodat je beter kunt inschatten welke kaarten nog overblijven. Hierdoor kun je jouw inzetten aanpassen en de kansen in jouw voordeel kantelen.
Bij blackjack werkt dit goed, omdat het spel wordt gespeeld tegen het huis en de gespeelde kaarten invloed hebben op toekomstige rondes.
Waarom werkt kaarten tellen niet bij poker?
Bij poker ligt de situatie compleet anders dan bij blackjack:
Kaarten worden per hand opnieuw geschud
Elke nieuwe hand is een volledig frisse start. Het deck wordt opnieuw geschud, dus er is geen cumulatieve informatie over welke kaarten al gespeeld zijn.
Je speelt tegen andere spelers, niet tegen het huis
Je wint niet door het huis te slim af te zijn, maar door beter te spelen dan je tegenstanders. Zo moet je pokeren leren. Dat vereist strategie, analyse en mensenkennis – geen teltechniek.
Je ziet niet welke kaarten anderen folden
In tegenstelling tot blackjack, waar alle kaarten open gespeeld worden, blijven gefolde kaarten bij poker geheim. Dat maakt het onmogelijk om exact bij te houden welke kaarten al verdwenen zijn.
Kun je dan helemaal niets met kaartinformatie?
Toch wel. Hoewel traditioneel kaarten tellen niet werkt, speelt informatie over kaarten wel degelijk een rol in poker. Hier zijn enkele manieren waarop professionele spelers slim omgaan met wat ze wél weten:
1. Hand ranges inschatten
In plaats van exacte kaarten te tellen, denk je in termen van “ranges” – verzamelingen van mogelijke handen die een tegenstander kan hebben op basis van zijn gedrag. Bijvoorbeeld:
Iemand die preflop raiset vanuit vroege positie heeft vaak sterke handen.
Iemand die passief speelt en plots agressief wordt op de turn, heeft mogelijk een set of two pair.
Je gebruikt dus waarschijnlijkheid, niet exact kaartentellen.
2. “Blockers” gebruiken
Een blocker is een kaart in jouw hand die het minder waarschijnlijk maakt dat je tegenstander een bepaalde hand heeft. Voorbeeld:
Je hebt de aas van harten in je hand.
Het board toont drie harten.
Jij weet dat de tegenstander minder kans heeft op een flush met een aas-high, omdat jij die kaart al hebt.
Blockers worden veel gebruikt in geavanceerde bluffstrategieën.
3. Aantal outs tellen
Je kunt tellen hoeveel kaarten je nodig hebt om jouw hand te verbeteren (outs). Bijvoorbeeld:
Je hebt een flush draw met 4 harten op tafel.
Er zijn 13 harten in het deck, je hebt er 4 gezien → 9 outs over.
Dit is géén kaarten tellen zoals in blackjack, maar een vorm van kansberekening die cruciaal is in poker.


